Borging brandveiligheid bij opslag gevaarlijke stoffen blijft zorgwekkend



De brandveiligheid bij grote opslagen van gevaarlijke stoffen is in 58% van de gevallen niet aantoonbaar geborgd, bleek uit een onderzoek van de VROM-Inspectie in de eerste helft van dit jaar.

In vrijwel alle gevallen kwam het bevoegd gezag in actie om de situatie te verbeteren. Tegen 12 gemeenten zal een juridische procedure worden gestart, meldde minister Huizinga op 8 oktober 2010 in een brief aan de Tweede Kamer.

De VROM-Inspectie onderzocht 340 opslagen van onder meer chemicaliën, verven en bestrijdingsmiddelen. Explosieven worden niet opgeslagen in dit soort opslagvoorzieningen.

De Inspectie beoordeelde twee punten die cruciaal zijn voor de borging van de brandveiligheid: schrijft de vergunning een jaarlijkse inspectie door een onafhankelijke inspectie-instelling voor? En als dat voorschrift in de vergunning staat, wordt het dan ook nageleefd?

Alle informatie werd door de provincies en gemeenten zelf aangeleverd. Op basis daarvan concludeert de VROM-Inspectie dat de borging van de brandveiligheid nog steeds onder de maat is. Het voorschrift voor een onafhankelijke inspectie van de brandbeveiligingsinstallatie is al sinds 1991 opgenomen in de richtlijnen voor deze grote opslagen, eerst in de CPR 15-2 en nu in de PGS 15. 

De VI heeft de achterblijvende bevoegd gezagen hierop aangesproken. Dat heeft ertoe geleid dat het merendeel van de bevoegd gezagen alsnog zijn overgegaan tot actualisering van de vergunning of tot handhaving. In het najaar van 2010 zal de VI een bijeenkomst organiseren om de resultaten van het onderzoek en lopende verbeteracties te bespreken met de betrokken overheidsorganisaties en het bedrijfsleven.

 

Bron: http://www.vrominspectie.nl/

Algemene Informatie